
Het aantal gemeenten dat hondenbelasting heft, is in 15 jaar tijd meer dan gehalveerd. Waar in 2010 nog 72% van de gemeenten een aanslag op de mat liet vallen bij hondenbezitters, zijn dat er in 2026 nog maar 100 van de 342 gemeenten (29%). Dat blijkt uit een analyse van Overstappen.nl op basis van cijfers van het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo).
De verschillen tussen gemeenten zijn groot: in 19 gemeenten betalen hondenbezitters meer dan € 100,- per jaar, terwijl een hond in andere gemeenten belastingvrij is. Katwijk is de duurste gemeente met een belasting van € 142,18 per jaar, gevolgd door Tilburg (€ 132,28) en Lisse (€ 126,-).
Steeds meer gemeenten in Nederland schaffen de hondenbelasting af. Begin 2026 gaat het om 12 gemeenten, waaronder De Bilt en Meerssen. Tegelijkertijd is er één gemeente die juist opnieuw hondenbelasting heeft ingevoerd: Wijk bij Duurstede.
In delen van Nederland verdwijnt de belasting snel. In Groningen en Drenthe heffen inmiddels geen gemeenten meer hondenbelasting. Ook in Friesland is het aantal gemeenten dat nog hondenbelasting rekent sterk beperkt; alleen Leeuwarden, Smallingerland en Vlieland doen dat nog. Landelijk woont ongeveer 31% van de Nederlanders in een gemeente waar hondenbezitters nog een aanslag ontvangen.
Gemiddelde hondenbelasting daalt, maar tarieven stijgen lokaal
Het gemiddelde tarief voor één hond komt in 2026 uit op € 25,25 per jaar, berekend over alle 342 gemeenten. Dit is een daling van 3,1% ten opzichte van 2025.
Wanneer alleen wordt gekeken naar gemeenten die daadwerkelijk hondenbelasting heffen, ligt het beeld anders. Daar stijgt het gemiddelde tarief juist met 3,4% naar € 81,69 per hond per jaar.
Grote verschillen in hondenbelasting per gemeente
De hoogte van de hondenbelasting verschilt sterk per gemeente. Katwijk is in 2026 de duurste gemeente van Nederland met € 142,18 per hond per jaar.
Aan de andere kant van het spectrum zijn er gemeenten waar de eerste hond gratis is, zoals Valkenburg aan de Geul en Kerkrade. Wel geldt daar vaak een heffing vanaf de tweede hond.
Na deze uitzonderingen is Simpelveld de goedkoopste gemeente waar wel hondenbelasting wordt geheven, met een tarief van € 21,96 per jaar voor één hond.
Tarieven hondenbelasting in 2026: stabiliteit én verhogingen
In 237 gemeenten blijft het tarief in 2026 gelijk aan 2025. Toch zijn er ook opvallende veranderingen:
- De grootste stijging vindt plaats in Lisse, waar het tarief met 24% stijgt van € 101,52 naar € 126,-
- De gemeente verhoogde alle belastingen om de begroting sluitend te krijgen
- Slechts 5 gemeenten verlaagden het tarief
- De sterkste daling is 28% in Hendrik-Ido-Ambacht en Venlo
Hondenbelasting niet altijd voor hondenvoorzieningen
Een veelvoorkomend misverstand is dat hondenbelasting wordt gebruikt voor hondenuitlaatplekken of het opruimen van hondenpoep. In de praktijk is dat niet het geval.
Net als bijvoorbeeld de onroerendezaakbelasting en toeristenbelasting gaat de opbrengst naar de algemene middelen van de gemeente. Gemeenten mogen het geld vrij besteden.
Uitzondering is Hendrik-Ido-Ambacht, waar de opbrengst wél specifiek wordt ingezet voor hondenvoorzieningen. Dat is ook de reden dat het tarief daar opnieuw wordt verlaagd.
Aan de andere kant houdt Tilburg de hondenbelasting juist bewust in stand, volgens het principe van “de vervuiler betaalt”.
Hondenbelasting onder druk in Nederland
Volgens dierenverzekeringsexpert Nick Brendel van Overstappen.nl staat de hondenbelasting al jaren ter discussie:
“Steeds meer gemeenten trekken de conclusie dat de belasting niet goed uit te leggen is en schaffen deze daarom af. Tegelijkertijd gebruiken sommige gemeenten de opbrengst om begrotingstekorten te vullen. Voor hondenbezitters maakt dat het sterk afhankelijk van je woonplaats hoeveel je kwijt bent.”




Plaats een reactie