Dossier Mastenbroek

Nieuwsblog door journalist en radiomaker Martijn Mastenbroek

Zundert/Huijbergen – Specialisten van de politie en het NFI (Nederlands Forensisch Instituut) hebben maandagmiddag 25 juli een zogenaamde exhumatie uitgevoerd op een begraafplaats aan de Molenstraat. Doel van de exhumatie was om een overleden persoon die tussen 1975 en 1985 in het buitengebied (Waaijenberg) van Zundert gevonden werd te identificeren.

Van een misdrijf was destijds geen sprake. Maar de persoon is nooit geïdentificeerd en is destijds begraven in een naamloos graf. Omdat de wet op de lijkbezorging is aangepast en de politie onbekende doden moet proberen te identificeren is in samenspraak met de gemeente Zundert en het bestuur van de begraafplaats is het graf van de onbekende persoon geopend en is er de hele middag onderzoek gedaan. Helaas leverde dat geen resultaat op. Op de plek waar men dacht dat het lichaam van een onbekende dode lag is deze niet aangetroffen.

Huijbergen

Eerder op de dag werd er ook een exhumatie in Huijbergen uitgevoerd op de begraafplaats aan de Dorpsstraat. Het NFI zal verder onderzoek doen naar de aangetroffen stoffelijke resten.

Team Vermiste Personen

Afgelopen jaar heeft het team vermiste personen onderzocht of, en zo ja waar onbekende overledenen begraven liggen in de eenheid Zeeland-West-Brabant, dit in verband met aangepaste wetgeving. Het onderzoek naar deze twee onbekende personen gaat voort.

Al meer dan twintig jaar wordt Ineke Fleurke vermist. De destijds 29-jarige vrouw woonde aan de Populierenlaan in Groningen en was verslaafd aan coke. Zij had een Iraanse vriend. Deze man dealde, ook vanuit de woning van Ineke.

Op woensdag 5 oktober 1994 hebben de ouders van Ineke haar voor het laatst gezien. Dat was in haar woning aan de Populierenlaan. Ineke leek te zijn mishandeld en was depressief.

Onderzoek

Ruim een week later, op vrijdag 14 oktober 1994, meldt een vriend bij de politie dat Ineke wordt vermist. Ongeveer een jaar later wordt aan de politie gemeld dat Ineke weer terecht is. Maar vijf jaar later, in november 2000 blijkt dat Ineke nog steeds vermist wordt. Overigens blijkt achteraf dat de melding dat Ineke weer terecht zou zijn, zeer bedenkelijk is geweest. Zo is nooit bekend geworden wie die melding heeft gedaan.

Ineke Fleurke

Ineke is ongeveer 1.70 meter lang en heeft schoenmaat 36,5. Op haar voorhoofd zit een klein litteken. Er zijn aanwijzingen dat Ineke Fleurke het slachtoffer van een misdrijf is geworden. Wat is er met Ineke gebeurd? Waar is zij?

Beloning

Er wordt een beloning uitgeloofd van 15000 euro voor de gouden tip. 

Charlene Heij uit Maastricht wordt al twee weken vermist. De politie maakt zich grote zorgen.

Mogelijk is het 13-jarig meisje vertrokken in de richting van de gemeente Sittard-Geleen of de gemeente Goes. Ze is mogelijk in het bijzijn van een of meerdere personen, zo meldt de politie.

Tijdens haar vertrek droeg ze een fel roze trainingspak met donkergrijze strepen, en zwarte sneakers.

Folkert Veenstra en zijn vrouw wonen aan de Selmien in het Friese dorp Ureterp in de buurt van Drachten. Zij hebben de vaste gewoonte om elke middag, zo rond 13.30 uur, naar een supermarkt in Drachten te gaan om schillen op te halen voor het vee.

In de ochtend van woensdag 9 september 1992, tussen 09.15 en 09.30 uur, staat plotsklaps een onbekend persoon in hun huis. Deze persoon slaat Folkert Veenstra en zijn vrouw met een hard voorwerp op hun hoofd.

Overlijden

De 65-jarige Folkert wordt zo vaak en zo hard geslagen dat hij later die dag in het ziekenhuis overlijdt. Zijn vrouw raakt ook gewond, maar weet toch de buren te waarschuwen die direct de politie bellen.

Onderzoek

De overvaller heeft een portemonnee buitgemaakt met daarin veel geld. Ook heeft hij geprobeerd om een bed in brand te steken. Wie weet meer over de overval op de Friese schillenboer?

Beloning

Er wordt een beloning uitgeloofd van 15000 euro voor de gouden tip. 

Volg Martijn Mastenbroek ook op Twitter: twitter.com/MMastenbroek

  • Forse stijging aantal burgerhulpverleners in vier jaar 
  • Ook hoeveelheid AED’s enorm gestegen  
  • In Zuid-Holland zo’n 2.700 beschikbare AED’s en 48.000 burgerhulpverleners 
  • Nederland eerste land ter wereld met landelijk reanimatienetwerk burgerhulpverleners 
  • Burgerhulpverleners gemiddeld 2,5 minuut sneller ter plaatste dan een ambulance 
  • Hartstichting en HartslagNu blijven werken aan verdere verdichting van het AED netwerk 
  • Recent onderzoek toont aan dat overlevingskans hartstilstand thuis 50% hoger is dankzij inzet burgerhulpverleners 
  • Gerrit Vos uit Dordrecht werd gereanimeerd door zijn vrouw die zijn leven redde. 

In heel Nederland kan nu binnen 6 minuten worden gestart met reanimatie bij een hartstilstand. Een enorme mijlpaal waar duizenden levens per jaar mee worden gered. In vier jaar tijd is het aantal burgerhulpverleners in ons land met bijna vijftig procent gegroeid. Ook het aantal AED’s nam de afgelopen jaren hard toe. Het doel van de Hartstichting en HartslagNu is overal in Nederland binnen 6 minuten te kunnen starten met reanimeren en een AED hierbij aan te sluiten. 

Gerrit kreeg een hartstilstand, zijn vrouw Natasja reanimeerde hem: “Dankzij snelle hulp van mijn vrouw, buurgenoten en burgerhulpverleners leef ik nog.” 

Maar liefst 245.000 Nederlanders zijn momenteel aangemeld als burgerhulpverlener bij reanimatieoproepsysteem HartslagNu. Vier jaar geleden waren dat er 170.000 in totaal. Met die enorme groei kan nu bij elke alarmering een burgerhulpverlener worden opgeroepen, die binnen 6 minuten kan reanimeren. De eerste zes minuten zijn cruciaal voor de grootste overlevingskans. Binnen een zogenoemde 6-minutenzone bieden mensen binnen zes minuten de juiste hulp bij een hartstilstand: ze bellen 112, starten met reanimeren en zetten een AED in. 

Volg Martijn Mastenbroek ook op Twitter: twitter.com/MMastenbroek

Uniek netwerk van vrijwilligers 
Ons land is het eerste land ter wereld dat een dergelijk fijnmazig en landelijk reanimatienetwerk van burgerhulpverleners kent. Dit netwerk van vrijwilligers is constant in beweging en nieuwe aanmeldingen blijven nodig om zoveel mogelijk levens te kunnen redden. Bijzonder is dat het systeem volledig draait op de onbaatzuchtige inzet van vrijwilligers die helpen om levens te redden in hun buurt.  

Advertenties

Witte vlekken 
Ook in het aantal AED’s is een forse groei te zien. Momenteel hangen er door Nederland bijna 24.000 AED’s tegenover 12.000 vier jaar geleden. De Hartstichting en HartslagNu werken aan verdere verdichting van het AED netwerk. Voor de Hartstichting zijn deze kwetsbare locaties de komende periode een extra prioriteit.  

Uniek systeem 
Floris Italianer, directeur van de Hartstichting: “Wij zijn erg blij met de groei van het aantal burgerhulpverleners en AED’s. Het is uniek dat ons reanimatienetwerk helemaal uit vrijwilligers bestaat. Daar zijn we ontzettend trots op. Dankzij hen kunnen we vele levens per jaar redden. Het is nu vooral zaak om dat aantal vrijwilligers op peil te houden. Dat geldt ook voor het aantal AED’s in ons land. Op die manier werkt de 6-minutenzone optimaal.” 

Advertenties

Aart Bosmans, bestuurder HartslagNu: “Wij zijn continu bezig het oproepsysteem te optimaliseren. Zo hebben we de tijd tussen de 112-melding en de HartslagNu oproep verkort van 1min36 naar slechts 51 seconden. Dit betekent dat burgerhulpverleners steeds sneller ter plaatse kunnen zijn, wat de kans vergroot dat er binnen 6 minuten kan worden gestart met reanimeren. Ook kijken we steeds naar de meest optimale alarmeringsstraal. Vorig jaar hebben we daar al belangrijke stappen in gezet, waarmee we de kans vergroten dat overal in Nederland voldoende burgerhulpverleners en AED’s worden gealarmeerd.” 

Overlevingskansen vergroten 
Jaarlijks worden zo’n 17.000 mensen buiten het ziekenhuis getroffen door een hartstilstand. Door de jaren heen zijn de kansen op overleving enorm verbeterd. In de jaren ’90 van de vorige eeuw was de overleving nog 9%, terwijl dit percentage inmiddels is gestegen tot bijna 25%.  

Volg Martijn Mastenbroek ook op Twitter: twitter.com/MMastenbroek

Advertenties

Rijksoverheid roept Zuid-Hollanders op om slimme apparaten te updaten

Al via één slim apparaat kunnen internetcriminelen digitaal bij je inbreken. Om je slimme apparaten en je data te beschermen, moet je updates uitvoeren. Maar wat gebeurt er als je dat niet doet en hackers bij je inbreken? In de Doe je Updates-campagne laat het ministerie van Economische Zaken en Klimaat dit zien. Een ethisch hacker die aan de campagne meewerkt, vertelt hoe het werkt.

“Omdat slimme apparaten vaak zijn verbonden met internet, kunnen internetcriminelen deze opzoeken. Zonder dat je het door hebt, gaan zij op zoek naar zwakke plekken en dus ingangen”, zegt Wouter Wessels, ethisch hacker bij Eurofins Cyber Security. “Is je slimme koelkast niet geüpdatet en hangt deze aan “het internet”, dan is dat een potentiële ingang tot de rest van je netwerk. Eenmaal binnen kunnen internetcriminelen verder zoeken in je netwerk en zo op zoek gaan naar bijvoorbeeld een laptop vol waardevolle data. Denk aan een kopie van je paspoort, vakantiefoto’s en andere belangrijke documenten. Deze laptop kan vervolgens vergrendeld worden met bijvoorbeeld ransomware totdat jij geld hebt betaald, terwijl de kopie van je paspoort kan worden gebruikt voor identiteitsfraude. Dat klinkt allemaal best eng zo, maar het is vooral belangrijk dat je je bewust bent van de risico’s en actie onderneemt om te voorkomen dat er digitaal bij jou wordt ingebroken. Dat doe je bijvoorbeeld door updates uit te voeren.”

Je apparaten updaten? Dat doe je zo
Updates houden je slimme apparaten veilig én beschermen je netwerk tegen internetcriminelen. Daarom is het belangrijk regelmatig te checken of er nog updates klaarstaan. Veel slimme apparaten worden niet automatisch geüpdatet. Ook krijg je niet altijd een melding als er een update klaarstaat.


– Stap 1: Open de app van je slimme apparaat.
– Stap 2: Kijk bij ‘Instellingen’.
– Stap 3: Klik daar op ‘Updaten’.
– Stap 4: Stel ‘Automatisch updaten’ in.

Soms is automatisch updaten niet mogelijk. Zet dan een herinnering in je agenda om elke 1e dag van het nieuwe kwartaal je updates te checken. Krijg je een melding om een update te doen? Doe het direct. Heb je geen app van je slimme apparaat? Ga dan naar de website van de fabrikant en zoek op ‘update’.

Voorkom een hack, doe de Update-Check
Meer hulp nodig? Ga dan naar doejeupdates.nl en doe de Update-Check. Die helpt je om je slimme apparaten snel en makkelijk te updaten.


Volg Martijn Mastenbroek ook op Twitter: twitter.com/MMastenbroek

Foto door Eduardo Dutra op Pexels.com

Fractievertegenwoordiger Tim de Boer van de Haagse Stadspartij heeft zijn bedenkingen bij nieuwe wet- en regelgeving rondom geweldsbevoegdheden bij de politie. Tot vorige maand kon een politieagent bij het uitoefenen van zijn geweldsbevoegdheid verdachte zijn van bijvoorbeeld doodslag of zware mishandeling. Met de komst van een wetsherziening wordt door de Officier van Justitie in zo’n situatie slechts de afweging gemaakt of de politieagent zich aan de geweldsinstructie heeft gehouden.

Als dit niet het geval is, wordt de agent vervolgd voor het nieuwe strafbare feit: ‘het schenden van de geweldsinstructie’, in plaats van ‘doodslag’ of ‘mishandeling’. Tim de Boer heeft gemengde gevoelens bij deze wetswijziging. “Wat wij zien is dat agenten al bijna nooit vervolgd worden voor geweld. En dat lijkt met deze nieuwe regel alleen maar minder te worden”, zo zei hij woensdagavond in het radioprogramma Dossier Mastenbroek op Den Haag FM. De Boer vertelde daarnaast dat zijn partij bij vragen over politiegeweld geen klankbord vindt bij burgemeester Jan van Zanen van Den Haag. “Als we misstanden aan de kaak stellen, zijn het ineens niet zijn politiemensen, maar verwijst hij naar de landelijke overheid.”

Beluister hier het interview met Tim de Boer van de Haagse Stadspartij:

Vanaf deze maand verandert de wet voor het toepassen van geweld door opsporingsambtenaren. Op dit moment maakt het Wetboek van Strafrecht geen onderscheid tussen burgers die geweld gebruiken en politiemensen die dat doen omdat hun werk het vereist.

Vanaf deze maand verandert dat en is er meer oog voor het feit dat agenten een stap naar voren moeten doen en daarbij soms geweld moeten toepassen als de situatie daar om vraagt. Deze wetswijziging is het resultaat van jarenlange samenwerking door diverse partijen aan de ‘Stelselherziening Geweldsaanwending’. Korpschef Henk van Essen noemt het ‘een belangrijke mijlpaal’.

In de nieuwe wet- en regelgeving wordt meer rekening gehouden met de bijzondere taak van de politie. Van politieagenten wordt terecht verwacht dat zij bij een dreigende, gevaarlijke situatie optreden en daaraan een einde maken. Soms moet een agent daarbij geweld gebruiken om zijn werk te doen. Tot vandaag kon de politieambtenaar bij het uitoefenen van zijn geweldsbevoegdheid verdachte zijn van bijvoorbeeld doodslag of zware mishandeling. Met de komst van deze herziening wordt door de officier van justitie in zo’n situatie de afweging gemaakt of de politieagent zich aan de geweldsinstructie heeft gehouden. Als dit niet het geval is, wordt de agent vervolgd voor het nieuwe strafbare feit: het schenden van de geweldsinstructie, in plaats van doodslag of mishandeling. Dat laatste blijft nog wel mogelijk bij excessen.

Korpschef Henk van Essen: ‘Vandaag is een belangrijke mijlpaal bereikt voor alle collega’s. Mijn voorganger Gerard Bouman gaf de aanzet voor de herziening van de strafrechtelijke positie van politieagenten die zich genoodzaakt zien geweld te gebruiken. De nieuwe wet en regels zijn speciaal gericht op de taak en bevoegdheid van de politieagent. Vanuit mijn rol als werkgever ben ik tevreden met dit resultaat. Ik ga ervan uit dat alle collega’s die op straat hun werk doen en geweld gebruiken als de situatie daar om vraagt, zich door deze wijziging gesteund voelen.’

Nieuwe geweldsinstructie

‘Naast deze wetswijzing is ook de geweldsinstructie geactualiseerd’, licht Van Essen toe. ‘De gewijzigde geweldsinstructie geeft politieagenten duidelijker aan wanneer ze welk geweldsmiddel mogen inzetten, waarbij het uitgangspunt altijd is; het minst zware middel gebruiken voor het doel dat ze voor ogen hebben. Ze kunnen zo een meer zorgvuldige afweging maken of bijvoorbeeld extra pepperspray spuiten een betere keuze is in plaats van een klap met de wapenstok. De verbeterde geweldsinstructie vergroot het vakmanschap en de professionaliteit van de politie.’

Het toepassen van geweld is heftig en roept altijd emoties op. Daarom is het een uiterst middel dat de politie alleen gebruikt als het niet anders kan, binnen de regels die daarvoor gelden. De nieuwe geweldsinstructie is gericht op een juiste toepassing van geweld. Het afgelopen half jaar zijn alle politiemensen die geweldsmiddelen bij zich dragen extra bijgeschoold over deze nieuwe regels. Eerder al werd het proces van melden en beoordelen aangepast. Daarmee is het transparant verantwoording afleggen over hoe en wanneer de politie geweld toepast verbeterd. Bovendien kan de politie daardoor beter leren van geweldsaanwendingen. Met al deze wijzigingen is het stelsel rondom geweldsaanwendingen verbeterd met oog voor zowel de burger als de politieambtenaar.

Benieuwd naar deze vernieuwde regels omtrent geweld? Ga naar de pagina op Politie.nl.

Nietsvermoedend ging op 21 november 1988 rond 07.00 uur ’s ochtends de werkster van Alida Christiana Koopmans de woning binnen in Den Haag.

Voordat zij de woning van de 63-jarige mevrouw Koopmans aan de Mankesstraat 43 betrad, was het haar al opgevallen dat het licht volop brandde. In de hal van de woning aangekomen, kreeg de werkster de schrik van haar leven. Ze zag daar het lichaam van de dode vrouw liggen met rond haar hoofd een grote plas bloed.

Mevrouw Koopmans stond middenin het leven. Ze studeerde op 63-jarige jarige leeftijd nog klassieke talen aan de faculteit der letteren in Leiden. Ook was ze één van de (groot)aandeelhouders in de Besloten Vennootschap Koopmans Meelfabrieken in Leeuwarden. Het slachtoffer woonde alleen en zelfstandig in haar woning. Het onderzoek heeft tot op heden geen concrete aanknopingspunten opgeleverd die naar de vermoedelijke dader(s) kunnen leiden.

De dood van mevrouw Koopmans is als een bom ingeslagen bij haar familie en vrienden. Die willen niets liever dan dat de zaak wordt opgelost. Kunt u hen helpen met bijzonderheden rond haar dood?

Beloning

Een beloning van €15.000,00 euro is uitgeloofd in deze zaak.

In samenwerking met de GGD begint gemeente Den Haag met het doelgericht informeren over de gezondheidsrisico’s van hitte. Te veel hitte kan serieuze gezondheidsproblemen opleveren. Vooral senioren, mensen met een chronische ziekte en dak- en thuisloze mensen lopen een verhoogd risico. Als onderdeel van de informatiecampagne is de afgelopen dagen al een brief plus folder met tips verstuurd aan alle zelfstandig wonende 75-plussers in de stad. Dit betreft zo’n 32.000 adressen.

Met het oog op de verwachte tropische temperaturen is vanaf morgen (maandag 18 juli) voor het eerst het Haagse hitteplan van kracht. Dat is de lokale vertaling van het nationale hitteplan, waarmee het gelijktijdig in werking treedt. Den Haag is een van de eerste steden in Nederland met een lokaal hitteplan. In het plan, opgesteld op initiatief van de gemeente, hebben Haagse maatschappelijke organisaties afspraken gemaakt over het voorlichten van hun achterban. Zo zullen thuiszorgmedewerkers het expliciet met hun cliënten bespreken en een folder uitdelen. Andere partners gaan de straat op om navulbare waterflessen uit te delen.

De belangrijkste tips

Wat veel mensen al wel weten: houd jezelf koel, span je niet teveel in en houd ook je woning koel. Ook logisch is de tip: drink genoeg. Maar wat veel mensen niet weten, is dat oudere mensen een minder goed ‘dorstgevoel’ hebben. Daarom is het zeker voor senioren belangrijk ook te drinken als zij géén dorst hebben. Helemaal als de kleur van de urine donkergeel is. Dit wijst namelijk op een gebrek aan vocht en dus mogelijke uitdroging.

Ook minder bekend is dat sommige medicijnen anders of minder goed werken als het erg warm is. Dit heeft grote invloed op de gezondheid. Daarom het advies om dit bij de (huis)arts of apotheker na te vragen.

De laatste tip is juist voor mensen die zelf geen grote gezondheidsrisico’s lopen: zorg voor elkaar! Let extra op de mensen in je omgeving. Bel elkaar, loop even langs en bied zo nodig hulp.

Praktijkervaringen

De eerste stappen voor het Haagse hitteplan zijn vorig jaar al gezet. Omdat er toen geen hitteplan is afgekondigd, is dit jaar de eerste keer dat het in praktijk wordt gebracht. Op basis van de praktijkervaringen zal het plan ieder jaar aangepast (kunnen) worden. De bedoeling is ook dat komende jaren steeds meer organisaties zich zullen aansluiten.

Advertenties
Advertenties
%d bloggers liken dit: